Achtergronden bij impasse CAO overleg

Zoals elders beschreven is het CAO overleg in een impasse geraakt en heeft FNV Bondgenoten/Cabin Pressure haar leden door middel van een ledenraadpleging gevraagd  welke weg zij willen bewandelen om hieruit te komen.  In dit artikel vind je meer informatie over de ontstane situatie, alsmede de alternatieven om daar mee om te gaan. Hieronder kun je allereerst de aanleiding lezen en vervolgens de positie van de KLM en van de onderhandelaars voor FNV Bondgenoten/Cabin Pressure. Daarna de mogelijke oplossingen, het advies van de kadergroep aan de leden, de positie van de VNC en een toelichting op het protocol WRR werkgroep.

In maart hebben onze leden middels een enquête aan kunnen geven welke onderwerpen men vond dat er moesten worden meegenomen in het CAO overleg en met welke prioriteit. Centraal in de uitkomsten stond een vermindering van de werkdruk zoals die de laatste jaren door diverse ontwikkelingen is opgevoerd. Concreet betrof dat: purser op alle ICA-toestellen weer boven de sterkte, de bezetting op Europa in verhouding tot de te verrichten werkzaamheden, het opvangen van de effecten van het 7 blokken systeem, en een oplossing vinden voor de gevolgen van algebraïsch afronden, mede in combinatie met versneld vliegen. Met deze wensenlijst in de hand is de onderhandelingsdelegatie het CAO overleg ingegaan.

De positie van de KLM

Een aantal van deze punten is de erfenis van in 2004 doorgevoerde maatregelen, tot stand gekomen in overleg tussen KLM en VNC. FNV Bondgenoten/Cabin Pressure was destijds niet als onderhandelingspartner aanwezig, maar ziet zich uiteraard wel geconfronteerd met de bestaande afspraken en de gevolgen ervan. De besparingen die uit de maatregelen voortvloeien hebben bijgedragen aan het betere bedrijfsresultaat dat de KLM de laatste jaren laat zien. Ze hebben er ook voor gezorgd dat er destijds geen ontslagen zijn gevallen onder cabinepersoneel. De KLM heeft de maatregelen, die structureel van aard zijn, ingecalculeerd in de bedrijfsvoering. Haar argumenten om deze maatregelen in stand te laten zijn dan ook:

  • "De besparingen in de bedrijfsvoering die zijn gerealiseerd door de gemaakte afspraken hebben bijgedragen aan het winstherstel. Het zondermeer terugdraaien van die maatregelen heeft consequenties voor onze toekomstige winstgevendheid. Wij vinden dat onverantwoord. Wanneer de cabinebonden willen vasthouden aan hun voorstellen dan dienen zij maatregelen aan te dragen die leiden tot een bezuiniging die gelijk is aan de met het voorstel wegvallende bezuiniging;
  • De afspraken die zijn gemaakt zijn gemaakt aan een andere dan de CAO-tafel, wanneer de cabinebonden dit toch aan de CAO-tafel willen oplossen dan doet zich het gegeven voor dat dit ten koste gaat van de loonruimte die wij niet alleen voor de cabinebonden, maar ook voor de andere bonden (grond en vliegers) beschikbaar hebben. De KLM heeft namelijk één budget voor arbeidsvoorwaarden en dat dient gelijkelijk over de bonden worden verdeeld, of de andere bonden moeten de bereidheid uitspreken te willen meebetalen aan de cabinespecifieke maatregelen.
  • De prijs van de door u gedane voorstellen overschrijdt in ruime mate de loonruimte die de KLM in gedachte heeft voor arbeidsvoorwaardelijke verbeteringen in de komende CAO. Als indicatie laten we u weten dat alleen al het weer brengen van "de P boven de sterkte" een bijna 4% van de jaarlijkse loonsom voor het cabinepersoneel vraagt".

Kort samengevat betekent dit, dat de KLM ons laat weten dat we met onze voorstellen aan de verkeerde tafel zijn en we met onze voorstellen een ongewenst beroep doen op de beschikbare loonruimte ten opzichte van de andere bonden. Dat we bovendien voorstellen doen waarvan we de prijs, middels normale CAO-afspraken niet zullen kunnen of willen betalen en dat tegenover ieder voorstel van ons een andere arbeidsvoorwaardelijke bezuiniging dient te staan tenminste, als we één en ander in de CAO willen oplossen. Uitruilen van onze voorstellen met die van de KLM is niet aan de orde omdat de KLM ons geen voorstellen doet die zich daadwerkelijk voor uitruilen lenen.

De positie van de onderhandelingsdelegatie

De onderhandelingsdelegatie ziet na zes dagen van onderhandelen in dat het niet realistisch is om te veronderstellen dat we aan de CAO-tafel de eerder genoemde voorstellen al onderhandelend gaan binnenhalen. De kans is groot dat we geïsoleerd komen te staan van de andere bonden. De andere bonden zullen immers (zij vertegenwoordigen de andere 25.000 werknemers bij de KLM) niet willen meebetalen aan onze voorstellen en er is een reële kans dat zij op 29 en 30 mei een voor hen wél acceptabel onderhandelingsresultaat bereiken.

De bovenstaande constatering door de onderhandelingsdelegatie stelt ons voor de keuze of wij vast willen houden aan de CAO voorstellen, of dat we een alternatief op tafel leggen dat er voor zorgt dat we de door ons gewenste veranderingen mogelijk kunnen realiseren buiten de CAO-tafel om. In het eerste geval zouden we direct het gevecht met de KLM aan  moeten gaan over haar harde opstelling. Het leidt tevens tot een geïsoleerde positie tegenover de andere bonden en werknemers binnen de KLM, en geeft geen garantie voor het daadwerkelijk binnenhalen van de voor ons meest belangrijke punten uit de CAO wensenlijst. In het tweede geval zou deze confrontatie worden voorkomen, maar zou de onderhandelingsdelegatie ook het door de leden gegeven mandaat verlaten. Ook via deze weg is allerminst zeker in hoeverre er, via een omweg, alsnog succes kan worden geboekt bij het realiseren van de voorstellen.

Dit is wat wij menen te moeten typeren als een impasse, want wij weten niet hoe groot de actiebereidheid onder het cabinepersoneel is, zoals we ook niet weten hoe groot de bereidheid van onze leden is om de CAO-voorstellen te matigen en via een omweg op zoek te gaan naar voor onze leden bevredigende oplossingen.

Een mogelijke oplossingsrichting

Nadenkend over de impasse en een mogelijke uitweg is door de onderhandelingsdelegatie een voorstel gedaan voor een alternatieve weg. Met die weg zoeken we niet direct de confrontatie met de KLM, houden we het werknemersfront gesloten bij het voortzetten van de onderhandelingen en houden we de mogelijkheid open toch tot een aanvaardbaar resultaat te komen.

Nadeel van ons voorstel is dat we niet direct tot succes komen, dat we weten dat we een voorstel doen dat zeer ver gaat en veel van wat vertrouwd is binnen het korps ter discussie zullen stellen en dat er geen garantie is dat we aan het eind van het traject een oplossing hebben die iedereen zal bevallen. Daarbij valt nog te bezien in hoeverre we de oorspronkelijke CAO voorstellen hiermee zouden kunnen realiseren.

Voordeel van het voorstel is dat we naast de al eerder genoemde zaken, ook andere zaken die niet (meer) goed aansluiten bij de huidige opvattingen van werknemers, de opvattingen in de wereld van de (medische)wetenschap over werk- en rusttijden, het vliegen door tijdszones, het werken op onregelmatige tijden en het werken onder druk, mogelijk kunnen aanpassen en dat we het voor ons wezenlijke uitgangspunt van zeggenschap over en verantwoordelijkheid voor je eigen werk- en rusttijden kunnen realiseren.

Voor de inhoud van ons voorstel en de daarin door ons gestelde en door de KLM geaccordeerde randvoorwaarden verwijzen wij naar het protocol zoals dat verderop in  dit artikel wordt uiteengezet.

De bedoeling van het voorstel is, dat het als protocol wordt toegevoegd aan het nog te realiseren CAO-resultaat en dat het voor het eind van het jaar concrete afspraken moet gaan opleveren. Daarnaast kan het verplaatsen van een deel van onze voorstellen naar een andere tafel extra ruimte bieden voor het binnenhalen van een aantal van onze andere voorstellen.

De visie van de kadergroep

Op 15 mei j.l is de kadergroep (actieve leden van FNV Bondgenoten/Cabin Pressure) bijeengeweest om over de ontstane situatie de overleggen. Na zorgvuldige afweging van de opties, bleek uiteindelijk dat de voorgestelde en hierboven beschreven oplossing op te weinig steun kon rekenen, en dat de voorkeur werd uitgesproken om aan de oorspronkelijke CAO voorstellen vast te houden. Aangezien het hier een belangrijke beslissing betreft die alle leden raakt, is het noch de onderhandelingsdelegatie, noch de kadergroep die beslist over de te volgen koers. Het democratische principe van FNV Bondgenoten/Cabin Pressure schrijft voor dat de leden het laatste woord hebben.

Wat we vragen van de leden

We vragen je om kennis te nemen van wat we schrijven in dit artikel, nog eens te kijken naar de oorspronkelijke voorstellen zoals die mede door jouw inzet zijn gedefinieerd, aandacht te besteden aan wat in het bijgaande voorstel is verwoord, om vervolgens  een gefundeerde beslissing te nemen over de weg die jij wilt dat FNV Bondgenoten/Cabin Pressure bewandelt.

We weten dat wij geen gemakkelijke keuze voorleggen aan de leden. Op dit moment afzien van onze wensen, het ter discussie stellen van de WRR met de kans dat (een deel van) de CAO voorstellen op een later moment alsnog binnengehaald kunnen worden, of vasthouden aan de oorspronkelijke wensen, wat direct betekent dat we openlijk de confrontatie met de KLM zoeken en ons isoleren van de andere bonden.

We vinden echter ook dat we de zaken realistisch moeten voorstellen.
Die realiteit is wat ons betreft; Kiezen voor het volharden in onze CAO voorstellen betekent dat je als persoon bereid moet zijn om onder leiding van je vakbond actie te gaan voeren! Wanneer een meerderheid van de leden daarvoor kiest zullen wij zonder enig voorbehoud bereid zijn aan die acties leiding geven. We vragen je om dat nadrukkelijk in je afwegingen te betrekken. Mocht blijken dat de leden kiezen voor het compromis, dan zal de onderhandelingsdelegatie uiteraard deze wens overnemen en inzetten op een CAO waarin  het voorgestelde protocol voor een WRR werkgroep is opgenomen.

De positie van de VNC

De VNC heeft vanmiddag, 16 mei 2007, inmiddels via haar ledenraad toestemming gevraagd of zij kan verder gaan op basis van het bijgevoegde voorstel.  Wij vinden dat onze leden van de uitkomst daarvan hun oordeel niet afhankelijk moeten maken. Wij zijn een vakbond waarin de leden zelfstandig hun afwegingen maken. Wij roepen je dan ook op het stembiljet in te vullen op basis van wat jij vindt en dat oordeel niet afhankelijk te maken van de opstelling van anderen. Dit artikel is mede bedoeld om je meer informatie te geven over de situatie en de alternatieven. Tenslotte is hieronder de tekst weergegeven van het voorstel tot het instellen van de "Werkgroep WRR".

Redactie Cabin Pressure,
In samenwerking met de onderhandelingsdelegatie.


Voorstel Protocol "Werkgroep WRR"

De VNC en FNV Bondgenoten hebben geconstateerd dat de maatregelen uit het loopbaanakkoord 2004 en de werkzaamheden op Europa door de huidige Cabin Crew als bijzonder belastend worden ervaren. Dat komt tot uitdrukking in een toenemende kritiek op de gevolgen van afspraken als de P in de sterkte, het algebraïsch afronden en de combinatie bezetting en werkzaamheden op Europa vluchten.

Door de cabinevakbonden is voorgesteld de hiervoor genoemde maatregelen terug te draaien en daarnaast is door de bonden gepleit voor het realiseren van een harde 28 daagse indeling.

KLM, VNC en FNV Bondgenoten hebben vastgesteld dat voornoemde vakbondswensen en de daarmee gepaard gaande kosten om oplossingen vragen die verder reiken dan die welke met beperkte aanpassingen in de CAO kunnen worden gerealiseerd. Naar het oordeel van partijen is een diepgaande bijstelling van de WRR de enige oplossing. Dat vraagt een brede dialoog over de huidige afspraken.

Afgesproken is dat de noodzakelijke dialoog de komende maanden zal worden gevoerd in een door partijen in te richten werkgroep. Die werkgroep heeft als opdracht op basis van kostenneutraliteit te komen tot afspraken die leiden tot een meer evenwichtige verdeling van de werkbelasting over het cabinepersoneel en het terugdringen van de ervaren werkbelasting. Daarbij zal er in het bijzonder oog zijn voor de balans tussen werk en privé, gezondheidsaspecten verbonden met het vliegen en optimale zeggenschap van werknemers over hun verlof, werk en rusttijden.

Input voor de in de werkgroep te voeren dialoog en daarmee voor de te kiezen oplossingen zal naast andere (wetenschappelijke) studies onder andere worden gevormd door relevante VNC studies en de uitkomsten van de in maart 2007 door FNV Bondgenoten uitgevoerde "Quick Scan Werkdruk" onder het cabinepersoneel.

Alle WRR gerelateerde zaken die door bonden en/of KLM gedurende de actieve periode van de werkgroep op tafel worden gebracht in welk (arbeidsvoorwaardelijk) overleg dan ook (bijvoorbeeld groepscommissie 31, arbeidsvoorwaardelijk overleg en werkgroep PBS) zullen ter advisering worden voorgelegd aan de "Werkgroep WRR". Waar nodig zal een besluit over het advies worden voorgelegd aan het Arbeidsvoorwaardelijke Cabineoverleg.
 
Door partijen zal zorg worden gedragen voor het op korte termijn kwalitatief en kwantitatief voldoende bemensen van de werkgroep, waardoor voortvarend met de werkzaamheden kan worden gestart en voor 31 december 2007 tot definitieve afspraken tussen CAO partijen zal worden gekomen. De door de werkgroep voorgestelde en door partijen geaccordeerde maatregelen zullen per 1 april 2008, of zoveel eerder als wenselijk en mogelijk worden doorgevoerd.

De werkgroep rapporteert rechtstreeks aan het maandelijkse "Arbeidsvoorwaardelijke Cabineoverleg". Uit de deelnemers aan dit overleg zal een stuurgroep worden geformeerd. De stuurgroep bewaakt de voortgang van de werkzaamheden en wordt daartoe maandelijks geïnformeerd.